Opvoed- en gedragsproblemen
Soms hebben kinderen en jongeren psychische problemen die zich uiten in bijvoorbeeld:
- sociaal onhandig gedrag
- angstige gedachten of somberheid
- onhandigheid bij het oplossen van problemen
- opstandig of agressief gedrag
- (faal)angst of somberheid
Dit heeft vaak negatieve gevolgen voor het welzijn van het kind of de jongere en voor relaties met belangrijke anderen zoals de ouders, broers/zussen en vrienden of vriendinnen.
Psy-zo! kan helpen om de onderliggende psychische problemen te diagnosticeren en te behandelen en daarmee het welzijn van het kind of de jongere te verbeteren. Hierbij werken we altijd nauw samen met de ouders. Voor kinderen tot 16 jaar hebben wij toestemming nodig van de gezagdragende ouders om een behandeling te kunnen starten (lees meer).
Diagnostiek en behandeling
Omdat wij in de eerste lijn werken, zijn de behandelingen kortdurend van aard. Dit betekent dat we maximaal acht afspraken maken. De diagnostiek is veranderingsgericht wat wil zeggen dat we in het intakegesprek samen met de ouders (en de jongere) de problemen bespreken en komen tot een diagnostische omschrijving. We toetsen deze omschrijving door actief te gaan behandelen en te zien of de behandeling effectief is.
Kinderen met sociaal onhandig gedrag
Onderliggende psychische problematiek kan zijn dat kinderen onvoldoende in staat zijn zich in te leven in gedachten en gevoelens van anderen. Ze kunnen hun gedrag dan niet goed afstemmen op dat van de ander en komen daardoor in problemen. Voor deze kinderen hebben wij een sociale vaardigheidstraining ‘Samen denken en doen’ waarin ze leren ‘weten’ dat andere kinderen/mensen andere gedachten en gevoelens hebben dan zijzelf, maar ook hoe ze zich het beste kunnen gedragen in bepaalde sociale situaties. Voor deze kinderen gaat er een aantal keren per jaar een sociale vaardigheidstraining (SOVA) van start. Lees hierover meer.
Kinderen die problemen niet goed kunnen oplossen
Onderliggende psychische problematiek kan zijn dat kinderen te rigide zijn in hun oplossingsvaardigheden. Dat wil zeggen dat ze altijd één oplossing kiezen, bijvoorbeeld door te gaan huilen of door juist heel boos te worden als iets anders gaat dan dat zij willen. Voor deze kinderen is er de training ‘Stop! Hoe los ik het op?’. In deze training leren de kinderen verschillende slimme oplossingen te bedenken voor dagelijkse problemen die ze tegenkomen.
Kinderen die vaak te heftig boos worden
Onderliggend psychisch probleem kan zijn dat het ongenoegen van de kinderen te snel wordt omgezet in boosheid en agressie. Deze kinderen leren we in de training ‘Hoe word ik boos?’ om hun boosheid meer onder controle te hebben.
Kinderen die (faal)angstig en of somber zijn.
Onderliggend psychisch probleem kan zijn dat deze kinderen bepaalde situaties of gebeurtenissen irreëel beoordelen. Ze toetsen hun gedachten niet aan de werkelijkheid of stellen hun gedachten niet bij naar aanleiding van ervaringen. Door de behandeling met het Vriendenprogramma leren ze dat hun gedachten van invloed zijn op hun gevoel en gedrag. Ook het programma Denken+Doen=Durven is een behandelprogramma waarmee kinderen leren om minder bang te worden voor hun angsten.
Kinderen met een combinatie van gedragsproblemen
De problemen van kinderen en jongeren kunnen echter ook veroorzaakt worden door een onderliggend trauma dat met behulp van EMDR behandeld kan worden. Dit kan zelfs bij heel jonge kinderen die bijvoorbeeld nare ervaringen hebben gehad met medische ingrepen. Zie hiervoor de folder traumabehandeling bij jonge kinderen. Naast bovengenoemde behandelprogramma’s is het ook nuttig en zinnig om met kinderen en jongeren gesprekken te voeren waarbij we samen reflecteren op hun denken, voelen en doen. Hierbij maken we veel gebruik van technieken vanuit de cognitieve gedragstherapie zoals de socratische dialoog en de 5 G’s. Kinderen en jongeren krijgen middels deze technieken meer inzicht in en grip op hun eigen gedachten, gevoelens en gedrag.
Ouders van kinderen of jongeren met psychische problematiek
Als een kind een nare gebeurtenis meemaakt heeft dit ook impact op de ouders. Daarom werkt Psy-zo! nauw samen met ouders van kinderen en jongeren die hiervoor in behandeling zijn. Maar ook als er sprake is van gedragsproblemen worden ouders (en zonodig leerkrachten) betrokken bij de therapieopdrachten die het kind thuis gaat maken. In onze visie is het echter vooral belangrijk om de manier te bespreken waarop ouders het beste kunnen aansluiten bij de belevingswereld van hun kind. Soms is het niet verstandig om het kind direct te behandelen. Dan bieden we mediatietherapie waarin de het kind indirect behandeld wordt. De ouders en leerkrachten zijn dan het medium. In dat geval zijn er coachende gesprekken met ouders en leerkrachten zonder dat het kind zelf in behandeling is.
De tekeningen zijn van Mies van Hout en horen bij de trainingen. Deze trainingen zijn beschreven in het boek “Behandelend trainen’ (redactie: Els van Rijn en Sanna Vermeyden).
